|
Ingrediënten
8 artisjokken - 5 el bloem - zout en
versgemalen peper - 1 tl bakpoeder - 1,5 dl bier - olijfolie voor het
frituren
Voor
de tomatensaus
1 ui - 2 el olijfolie - 1 teentje knoflook, gehakt - 2 el peterselie,
fijngehakt - 2-3 grote tomaten, ontveld, pitten verwijderd en gesneden - 1tl
citroensap
Bereiding
Breek de stelen van de artisjokken (als ze
dradig zijn, moeten ze vijf minuten langer gekookt worden).
Snijd de onderkant plat en snijd de bovenste bladeren net boven de kern af,
zodat er een stuk van ongeveer 3 cm dik overblijft. Snijd met een klein mes
de zijbladeren weg tot de witte binnenkant te zien is. Kook de
artisjokharten 12 minuten in water met zout en laat ze ondersteboven
uitlekken en iets afkoelen. Breek eventuele restjes af, zodat het gladde
hart overblijft.
Fruit voor de tomatensaus de ui in de olie in een steelpan en voeg de
knoflook, tomaten en 2 el peterselie toe. Laat dit heel zachtjes sudderen
tot de saus indikt. Roer het citroensap erdoor. Maak vervolgens het beslag
door bloem, bakpoeder, zout, peper en bier goed door elkaar te mengen.
Verhit intussen 2,5 cm olie in een diepe pan. Halveer de artisjokharten en
doop ze in het beslag. Bak ze in 2-3 gedeelten en draai ze in de olie om met
een schuimspaan. Ze zullen rijzen en gaan drijven en zijn klaar als ze
goudbruin zijn. Laat ze uitlekken op keukenpapier en serveer direct met de
saus.
|