|
Ingrediënten
100 g boter - 1 citroen - 50 cl droge witte wijn - 1 soeplepel gemalen
paprika - 5 teentjes knoflook - 1 bosje koriander - 1 snuifje zout -
1 snuifje zwarte peper van de molen - 24 venusschelpen - 500 gr varkenshaas
- 1 blaadje vers laurier - 150 g geplette tomaten - 2 kleine gedroogde rode
Spaanse pepertjes - 1 snuifje gemalen cayennepeper - 1 rode paprika
Bereiding
Snij de dag ervoor het vlees in blokjes. Pel
en snijd de knoflookteentjes. Doe het vlees, het knoflook, de wijn, de
paprika, 3 theelepels zout en de laurier in een grote diepe schotel. Kruid
royaal met peper, roer door elkaar, bedek met plastic huishoudfolie
en laat 12 uur op een koele plaats trekken, waarbij u het geheel twee of
drie keer omroert.
Haal er de volgende dag het knoflook en de laurier uit. Laat het vlees
uitlekken boven een slakom (bewaar de marinade). Braad in een gietijzeren
stoofpan, terwijl u roert, de blokjes vlees 10 minuten op hoog vuur bruin in
de helft van de warme boter.
Haal het vlees eruit en houd het warm in een schotel die u opzijzet. Laat de
marinade boven de stoofpan door een fijne puntzeef lopen. Krab de jus goed
los, breng aan de kook en laat tot de helft indikken. Giet de bereiding over
de blokjes vlees. Pel de uien en hak ze fijn. Maak de paprika schoon en snij
het vruchtvlees in reepjes. Verkruimel de Spaanse peper. Was zorgvuldig de
venusschelpen. Fruit in een sauteerpan de uien 5 minuten op matig vuur in de
overige boter, en kleur dan de reepjes paprika 5 minuten op matig vuur. Voeg
er de geplette tomaten, de Spaanse peper en het geperste knoflook aan toe.
Meng en laat 3 minuten sudderen. Voeg de venusschelpen (met hun schelp), het
vlees en de marinade toe. Doe het deksel op de pan en laat nog 10 minuten op
een zacht vuurtje sudderen.
Schik de bereiding op een verwarmde dienschotel. Garneer met plukjes
koriander en partjes citroen.
|